Bond voor landpachters en eigen grondgebruikers

Een nieuw plan

De eerste werkweek van het nieuwe jaar: lange files, nog maar een paar treinen die rijden, tweederde deel van de vluchten op Schiphol geannuleerd.

Allereerst veel geluk en gezondheid voor 2026 of zoals we in Twente zeggen “Völl heal en zégn veur het nejje joar”. Ja u leest het goed, 2026. En dan gaat het nieuws de hele week over het winterweer. Hoe deden ze dat 40-50 jaar geleden: toen waren de winters wel wat strenger, maar had het niet zoveel invloed op het openbare leven als nu. Soms moet je investeren in een helder plan met maatregelen die je misschien maar eens in de paar jaar nodig hebt. En accepteren dat het betekent dat bijvoorbeeld een vliegticket een paar procent duurder wordt. Dat dit niet gebeurt komt vaak doordat er niet-capabele mensen aan het roer zitten. 

Zo gaat het ook met het stoppen van de derogatie. Een plan, uitgedacht door mensen die te ver van de praktijk staan en niet overzien wat de gevolgen van dit stoppen zijn: meer kunstmestgebruik, meer koeien op stal, meer grasland dat omgezet wordt naar bouwland. Allemaal zaken die we nou juist niet willen als maatschappij.

Daarom verbaast mij de uitspraak van Jos Verstraten, LTO vakgroepvoorzitter melkveehouderij: “Zonder plan was het einde van de derogatie onvermijdelijk”. LTO heeft nooit een helder plan gehad. Dat plan had moeten zijn grondgebonden melkveehouderij met graslandderogatie en weidegang. De melkveehouderij is de enige sector die de mestzaken niet op orde heeft en dat kost ons momenteel ‘bakken’ met geld. Als we in 2013 al hadden gekozen voor een vorm van grondgebondenheid, destijds tegengehouden door LTO, dan hadden we nu makkelijker voor een graslandderogatie kunnen pleiten, aangevuld met een weidegang-eis.

Dat bestuurders en ambtenaren het moeilijk vinden om een duidelijk plan te maken zien we ook bij het waterschap. In 2027 moeten bepaalde waterstromen aan de Kaderrichtlijn Water voldoen. Zo ook 2 waterstromen bij ons in de buurt. Het geval wil dat beide stromen vanuit Duitsland Nederland binnenkomen en 10 km verder Nederland weer verlaten. Volgens de Duitse normen is het water goed, in Nederland voldoet het niet. Om vervolgens 10 km verderop wel weer aan de normen te voldoen. Nu wil het waterschap op die 10 km allerlei maatregelen treffen om het te laten voldoen aan de Nederlandse eisen van de KDW. Het gaat veel geld kosten en de landbouw moet weer grond inleveren en krijgt allerlei beperkingen op het bordje. Ik kan je één ding garanderen: de waterkwaliteit wordt er in deze 2 stroomgebieden niet beter van. 

Een duidelijk plan heeft de BLHB wel. In de discussie rondom de nieuwe pachtwet hebben wij altijd gehamerd op de bevordering van langjarige pachtcontracten. Of het nu om landbouwgrond of natuurgrond gaat: bodemvruchtbaarheid, biodiversiteit, natuur, continuïteit van een bedrijf, ze zijn allemaal gebaat bij langjarige contracten. We zijn als bestuur dan ook zeer ingenomen met het voornemen dat bestaande reguliere pachtcontracten ongemoeid blijven en dat langjarige contracten straks de norm worden. Waar wij nog graag verandering in zien is dat kortlopende pacht voor maximaal 6 jaar afgesloten kan worden en niet voor 12 jaar. Een lange duur van deze contracten moet in ieder geval ontmoedigd worden door de prijs: hoe langer de periode, hoe lager de prijs. Ik roep u daarom ook op om gebruik te maken van de internetconsultatie om uw mening hierover kenbaar te maken. U heeft hier een mail van ons over gehad en tot 9 februari heeft u de mogelijkheid om op de internetconsultatie te reageren.