Bond voor landpachters en eigen grondgebruikers

Doorbelasting WOZ-belasting

Steeds vaker zien wij dat eigenaren van grond – verpachters – creatief zijn om meer geld bij de pachter op te halen. In dit artikel een voorbeeld, waarin de rentmeester een deel van de WOZ-belasting aan de pachter wil doorberekenen. 

Vraagstelling

Kan de verpachter het eigenaarsdeel van de WOZ-belasting doorbelasten aan de pachter binnen het bestaande pachtcontract, met name bij gebouwen die als pachtersinvestering gelden?

Juridisch kader, artikel 7:399a BW
Dit wetsartikel bepaalt dat ieder beding in een pachtovereenkomst, waarin aan de pachter geldelijke lasten worden opgelegd die krachtens publiekrechtelijke regelingen de verpachter treffen, nietig is. Het eigenaarsdeel van de WOZ-belasting valt hieronder.
Afwijken ten nadele van de pachter is niet toegestaan; het verbod is dwingendrechtelijk.

Pachtprijzenbesluit (artikelen 22 en 23)
Het pachtprijzenbesluit biedt slechts enkele uitzonderingen op dit verbod. Alleen bepaalde waterschapslasten en ruilverkavelings- of landinrichtingsrente mogen (gedeeltelijk) worden doorbelast. WOZ-belasting wordt hierin niet genoemd en kan dus niet ten laste van de pachter worden gebracht.

Pachtersinvesteringen
Ook als het gaat om gebouwen die door de pachter zijn opgericht en in gebruik zijn, geldt dat het eigenaarsdeel van de WOZ-belasting wettelijk aan de eigenaar (verpachter) is toegerekend. De wet maakt geen onderscheid tussen eigenaarslasten die zien op verpachters- of pachtersinvesteringen.

Conclusie

De verpachter kan het eigenaarsdeel van de WOZ-belasting niet aan de pachter doorbelasten.

Artikel 7:399a BW verbiedt dit expliciet en dwingendrechtelijk. Het pachtprijzenbesluit kent slechts zeer beperkte uitzonderingen, waar de WOZ-belasting niet onder valt. Ook voor gebouwen die door de pachter zijn gebouwd (pachtersinvesteringen), blijft de WOZ-aanslag eigenaarslast van de verpachter. Elke bepaling in een pachtovereenkomst die anders bepaalt, is nietig en dus zonder rechtsgevolg.